Geschiedenis van het staatsbestel en parlementaire geschiedenis

Behalve in eerder genoemde, meer algemene geschiedenissen zijn belangrijke speciale werken verschenen over de ontwikkeling van het Nederlandse staatsbestel van de Republiek. Zie de volgende twee standaardoverzichten:
-  R. Fruin, Geschiedenis der staatsinstellingen in Nederland tot den val der Republiek, postuum uitgegeven door H.T. Colenbrander, ’s-Gravenhage, 1901; 2e bijgewerkte druk 1922, opnieuw uitgegeven met een inleiding door I. Schöffer, ’s Gravenhage, 1980;
-  S.J. Fockema Andreae, De Nederlandse staat onder de Republiek, Amsterdam, Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen, 1960 (10e ongewijzigde druk: 1985).

Zie voorts:
-  E.H. Kossmann, Politieke theorie in het zeventiende eeuwse Nederland, Amsterdam, 1960.

Voor de overgang van de Republiek naar een constitutionele monarchie raadplege men de vele werken en bronnenpublicaties van de historicus H.T. Colenbrander; P. Geyl’s Geschiedenis van de Nederlandse stam, zie boven; het stimulerende, maar omstreden werk van C.H.E. de Wit, De Nederlandse revolutie van de achttiende eeuw 1780-1787. Oligarchie en proletariaat, Oirsbeek, 1974 en idem, Thorbecke en de wording van de Nederlandse natie, Nijmegen,1980; S. Schama, Patriots and Liberators. Revolution in the Netherlands 1780-1813, New York, 1977; tweede druk: New York, 1992; Nederlandse editie: Patriotten en bevrijders. Revolutie in de Noordelijke Nederlanden 1780-1813, Amsterdam, 1989; 4e druk: 1992. Zie voorts de artikelen over deze periode gebundeld in deel 2 van Vaderlands verleden in veelvoud, 2e druk, ’s-Gravenhage, 1980.

Als gevolg oorspronkelijk van initiatieven van auteurs die zelf als parlementariër werkzaam waren, kent Nederland een vrijwel aaneengesloten parlementaire geschiedenis, zie: W.J. van Welderen baron Rengers, Schets eener parlementaire geschiedenis van Nederland sedert 1849, ’s-Gravenhage, 1891 (2 delen); (latere edities van dit werk verschenen onder de titel Schets eener parlementaire geschiedenis van Nederland van 1849 tot 1891; vierde bijgewerkte uitgave in één deel met aantekeningen van C.W. de Vries, ’s-Gravenhage, 1948).

C.W. de Vries verzorgde zelf een tweede deel (1891-1901), ’s-Gravenhage, 1948; zijn promovendus W.H. Vermeulen een derde deel (1901-1914), ’s-Gravenhage,1950; en De Vries en Vermeulen samen vervolgens een vierde deel over Nederland 1914-1918, alsmede over Oost-Indië 1891-1918 en West-Indië 1849-1918, ’s-Gravenhage, 1955.

Een wat oneigenlijke uitgave onder de serie-titel van Van Welderen Rengers, Schets eener parlementaire geschiedenis, was het vijfde deel (1940-1946) door L.G. Kortenhorst, ’s-Gravenhage, 1956.

Het interbellum is beschreven in zes delen door P.J. Oud, Het jongste verleden. Parlementaire geschiedenis van Nederland, 1918-1940, Assen, 1948-1951, waarvan in 1968 een herdruk verscheen. Oud verzorgde ook een kort overzichtswerk Honderd jaren. Hoofdzaken der Nederlandsche staatkundige geschiedenis, 1840-1940, Assen, 1946, nadien met als ondertitel Een eeuw staatkundige vormgeving in Nederland vele malen heruitgegeven. Vanaf de zevende druk in 1979 bewerkt en voor de periode na 1940 aangevuld door J. Bosmans. Bij de tiende druk in 1990 werd deze publicatie gesplitst in twee delen, namelijk P.J. Oud, Staatkundige vormgeving in Nederland. Deel 1: 1840-1940, Assen, 1997 (11e druk); en J. Bosmans, Staatkundige vormgeving in Nederland. Deel II: 1940-1990, Assen, 1999 (12e druk).

Waardevol als aanvulling op „Van Welderen Rengers” en „Oud” is P. A. Diepenhorst, Onze strijd in de Staten-Generaal, Amsterdam, 1930, 2 delen.

Voorts zijn er twee boeken over de Staten-Generaal en Indonesië:
-  W.A. Idema, Parlementaire geschiedenis van Nederlandsch-Indië (1891-1918), ’s-Gravenhage, 1924;
-  A. Stempels, Parlementaire geschiedenis van het Indonesische vraagstuk, Amsterdam, 1950.

Het door F.J.F.M. Duynstee opgezette Centrum voor Parlementaire Geschiedenis van de Katholieke Universiteit Nijmegen heeft in 1982 bij Kabinetsbesluit regeringssteun gekregen om de parlementaire geschiedschrijving na 1945 voort te zetten. In de reeks Parlementaire geschiedenis van Nederland na 1945 zijn tot nu toe de volgende delen verschenen:
-  F.J.F.M. Duynstee en J. Bosmans, Het kabinet Schermerhorn-Drees 24 juni 1945 – 3 juli 1946, Assen, 1977;
-  M.D. Bogaarts, De periode van het kabinet-Beel 3 juli 1946 – 7 augustus 1948, Nijmegen, 1995 (4 banden, 6 delen);
-  P.F. Maas en J.M.M.J. Clerx (red.), Het kabinet Drees-Van Schaik (1948-1951), Nijmegen, 1992 (3 delen);
-  J.J.M. Ramakers (red.), Het kabinet Drees II (1951-1952). In de schaduw van de Koreacrisis, Nijmegen, 1997;
-  C. van Baalen en J. Ramakers (red.), Het kabinet Drees III (1952-1956). Barsten in de brede basis, Den Haag, 2000;
-  J.W. Brouwer en P. van der Heiden, Het kabinet Drees IV en het kabinet Beel II (1956-1959). Het einde van de rooms-rode coalitie, Den Haag, 2004;
-  J.W. Brouwer en J. Ramakers, Het kabinet De Quay 1959-1963. Regeren zonder rood, Amsterdam, 2007;
-  P. van der Heiden en A. van Kessel, Rondom de Nacht van Schmelzer. De kabinetten - Marijnen, -Cals en -Zijlstra 1963-1967, Amsterdam, 2010.

Zie voorts het hoofdstuk Nederlandse Politici voor een lijst van biografische en autobiografische geschriften van een groot aantal Nederlandse politici.
Bijgewerkt tot: 2001-12-01
Deelstudies
Bibliografische hulpmiddelen
Print